Strategische digitale autonomie? Hoe kan het wel? Volg ons op onze reis naar Europese alternatieven voor een marketing bureau.
We praten er veel over, maar ondertussen draait bijna alles op Amerikaanse clouds en Chinese chips. Zolang gemak belangrijker is dan verantwoordelijkheid, blijft autonomie een illusie.
Daarom hebben we bij Beyond Products en Security Innovation Stories besloten het anders te doen. We onderzoeken hoe we meer kunnen werken met Europese technologie en diensten. Niet uit idealisme, maar omdat vrijheid in de digitale wereld begint bij de keuzes die je zelf maakt.
Toen ik vorige week las dat minister Karremans had ingegrepen bij Nexperia, dacht ik even: eindelijk iemand die doorpakt. Eindelijk een teken dat Nederland zijn technologische toekomst niet zomaar uit handen geeft. Maar dat gevoel zakte snel weg. Het was geen strategie, het was paniek. Een reflex. Een manier om even te laten zien dat we nog macht hebben – zonder dat we echt weten waar die macht begint of eindigt.
Het ministerie noemde het een paardenmiddel om kennislekkage te voorkomen. Dat zegt eigenlijk al genoeg. We reageren op incidenten in plaats van dat we een koers hebben. Het probleem is niet dat we niet kunnen ingrijpen, maar dat we het zelden doen totdat het te laat is. We hebben onze digitale autonomie stap voor stap uitbesteed – aan gemak, aan bekende merken, aan vertrouwen dat vooral goed voelt zolang het niet misgaat.
De façade van controle
We hebben het graag over “strategische autonomie”, maar als je kijkt naar onze digitale infrastructuur, draait die op Amerikaanse cloudservers en Chinese chips. Dat klinkt abstract, tot je beseft wat dat betekent: onze data, onze communicatie, onze publieke diensten zijn allemaal afhankelijk van partijen waar we geen zeggenschap over hebben.
De Rekenkamer noemde het onlangs “onduidelijk en risicovol” dat de overheid clouddiensten gebruikt zonder precies te weten waar data wordt opgeslagen. Ik las dat en dacht: dat is bestuurlijke taal voor “we weten het gewoon niet”. En de financiële toezichthouders, DNB en AFM, waarschuwen dat één storing bij een niet-Europese IT-leverancier complete ketens kan stilleggen. Dat klinkt als een risico, maar het is al gebeurd. Toen Amazon Web Services op maandag een paar uur uitviel, lag het halve internet plat.
We doen alsof we de boel onder controle hebben, maar het is vooral schijnzekerheid.
De soevereine wolk die niet bestaat
Hetzelfde zie je bij de term “soevereine cloud”. Die klinkt mooi in beleidsstukken, maar hoe vaker ik hem hoor, hoe leger hij klinkt. Zolang de juridische zeggenschap buiten Europa ligt, is het geen soevereiniteit maar semantiek.
De Amerikaanse CLOUD Act laat daar geen twijfel over bestaan: de VS kan wereldwijd data opeisen van Amerikaanse bedrijven, ook als de servers hier in Nederland staan. Dus een server in Amsterdam onder een Amerikaans moederbedrijf is juridisch gezien even soeverein als een koffer vol staatsgeheimen op een vliegveld in Texas.
Europa doet alsof, bedrijven wachten af
De Europese Commissie wijst op projecten als GAIA-X; een ambitieus plan voor een Europees alternatief. Toen ik daar voor het eerst over las, dacht ik: dit is precies wat we nodig hebben. Maar jaren later is het vooral een ambitie gebleven.
Intussen bouwen organisaties vrolijk verder op infrastructuren die niet van ons zijn. Omdat het bekend is, goedkoop lijkt en goed werkt. En zolang er geen grote storing is, lijkt er niets aan de hand. Maar dat is precies de illusie: we denken dat lokale servers en Europese datacenters onafhankelijkheid betekenen, terwijl de zeggenschap nog steeds elders ligt.
Niet wachten op autonomie, maar handelen
Langzaam begon ik te beseffen dat strategische autonomie geen beleidsdoel is, maar een karaktertest. Het gaat niet alleen om waar onze data staat, maar om wie we willen zijn als digitale samenleving.
Zolang gemak boven verantwoordelijkheid staat, verandert er niets. Maar zodra bedrijven zelf bewuste keuzes maken – principieel, transparant, met lange termijn in gedachten – kan het speelveld kantelen. Dan wordt autonomie geen ideaal op papier, maar een voordeel in de praktijk.
Want er komt een moment dat klanten en partners digitale onafhankelijkheid gaan eisen. En dan telt niet wat je belooft, maar waarop je gebouwd hebt.
Wat wij zelf gaan doen
Voor mij was dat het moment dat ik dacht: we kunnen hier niet alleen over schrijven, we moeten er zelf naar handelen.
Bij Beyond Products adviseren we bedrijven over strategie, innovatie en positionering binnen security en IT. Dat betekent dat we ook kritisch moeten kijken naar onze eigen keuzes – naar de technologieën die we gebruiken en de leveranciers die we vertrouwen.
Daarom zoeken we actief naar Europese alternatieven voor Amerikaanse of Chinese oplossingen. Niet als politiek statement, maar als strategie. Omdat we geloven dat échte innovatie pas mogelijk is wanneer je vrij bent om te bouwen op je eigen voorwaarden.
Dat is waar autonomie voor mij over gaat. Niet over stoer doen of statements maken, maar over verantwoordelijkheid nemen – ook als dat minder makkelijk is.

Bram helpt duurzame groei en een efficiënte marketingmachine te realiseren, met zijn expertise in commerciële strategieën en schaalbare oplossingen dankzij zijn achtergrond in (cyber)security.

